Ontwikkelingsachterstand

Ontwikkelingsachterstand

Een kind ontwikkelt zich op verschillende gebieden: praten, grove en fijne motoriek, sociale vaardigheden, spel- en leervermogen. Een kind met een ontwikkelings-achterstand loopt op meerdere gebieden tegelijk achter.

Kind Jeugd 29

Wat is een ontwikkelingsachterstand?

Ouders van een kind dat achterloopt in ontwikkeling hebben vaak een gevoel dat er iets niet klopt wanneer ze hun kind vergelijken met leeftijdsgenootjes. Kinderen ontwikkelen zich op hun eigen manier en tempo. Van een algehele ontwikkelingsachterstand wordt gesproken als het kind mijlpalen in de motoriek niet of veel later gaat doen dan op de leeftijd waarop dit bij de meeste kinderen gebeurt. Mijlpalen in de motoriek zijn bijvoorbeeld omrollen, iets pakken, het eten van vast voedsel, zitten en lopen. Van een ontwikkelingsachterstand wordt met name gesproken wanneer er (nog) geen aanwijzingen zijn die duiden op een andere diagnose.

Revalideren met een ontwikkelingsachterstand

De behandeling wordt afgestemd op de situatie van uw kind. Naar aanleiding van het eerste onderzoek van het revalidatieteam worden doelen opgesteld waar uw kind tijdens de behandeling aan gaat werken. Deze doelen zijn erop gericht uw kind zo zelfstandig mogelijk te laten functioneren. Verschillende behandelaren gaan met uw kind aan de slag om deze doelen te behalen.

De behandeling

De behandeling begint altijd met een gesprek bij de revalidatiearts. In dat gesprek staat de hulpvraag van u en uw kind centraal. Het proces van revalideren bestaat uit drie fases:

1. De behandeling start met een onderzoek door verschillende behandelaren. Zij kijken naar het functioneren van uw kind en kunnen bepalen welke behandeldoelen haalbaar zijn.

2. Na deze onderzoeken krijgt uw kind een behandelplan op maat. Dit behandelprogramma kan bijvoorbeeld bestaan uit behandelingen door een fysiotherapeut, ergotherapeut, logopedist of diëtist. Uw kind komt voor deze behandelingen meerdere keren per week naar Klimmendaal.

3. Met regelmaat wordt getest hoe uw kind zich heeft ontwikkeld. Het behandelteam kan naar aanleiding van deze informatie de behandeling bijsturen, intensiveren of stopzetten.