Fysiotherapeut Inge en ergotherapeut Lisette: “Soms heb je letterlijk vier handen nodig.”

Fysiotherapeut Inge en ergotherapeut Lisette: “Soms heb je letterlijk vier handen nodig.”

6 oktober 2026

Kinderfysiotherapeut Inge Roelofsen en ergotherapeut Lisette de Hoop werken op verschillende plekken binnen Klimmendaal. Inge in Apeldoorn, Lisette in Arnhem. Ze hebben ieder hun eigen vakgebied, maar werken allebei veel met kinderen en jongeren met cerebrale parese (CP). Juist bij deze kinderen merken ze hoe belangrijk het is om verder te kijken dan je eigen vak. Soms heb je elkaar zelfs letterlijk nodig.

Inge en Lisete

Van peuter tot jongere

Inge werkt als kinderfysiotherapeut bij Kind & Jeugd in Apeldoorn, op de polikliniek en op een peutergroep. Daardoor ziet ze kinderen van ongeveer 18 maanden tot 18 jaar. Inge: “Dat maakt mijn werk heel afwisselend. Met jonge kinderen ben je vooral spelenderwijs bezig. Met oudere kinderen en jongeren kun je bijvoorbeeld heel gericht werken aan kracht en conditie.”

Op de peutergroep hebben ouders soms nog maar kort daarvoor gehoord dat hun kind CP heeft. ““Bij een langdurige behandeling bouw je echt een vertrouwensband op met kinderen en ouders. Je maakt mee dat ouders verdriet hebben omdat de ontwikkeling van hun kind anders verloopt, maar viert ook samen de kleine stapjes.”

Als een kind ouder wordt, veranderen de vragen. “Een kind wil bijvoorbeeld iets zelf kunnen doen, beter mee kunnen doen met leeftijdsgenoten of sterker worden. Wat nodig is, verschilt dus niet alleen per kind, maar ook per levensfase.”

Oefenen wat in het dagelijks leven belangrijk is

Dat ziet Lisette ook in haar werk als ergotherapeut op de Lichtenbeekschool in Arnhem. Zij kijkt vooral naar de vaardigheden die een kind in het dagelijks leven nodig heeft. Dat kan van alles zijn: zichzelf aan- en uitkleden, schrijven, knutselen, een transfer maken of zelfstandig met een rolstoel rijden.

“Je kijkt steeds: wat wil of moet dit kind kunnen en wat is daarvoor nodig? Soms betekent dat veel oefenen. Soms is een andere manier om een activiteit uit te voeren een betere oplossing. Ook kan een hulpmiddel nodig zijn.” Lisette adviseert en maakt bijvoorbeeld arm- en handspalken voor kinderen met CP.

Bij sommige kinderen wordt een intensief behandelprogramma ingezet, zoals CIMT (Constraint Induced Movement Therapy). “Daarbij worden kinderen gestimuleerd om een arm of hand die het minder goed gebruikt, juist veel en gericht in te zetten. Bij Klimmendaal gebeurt dit onder andere in een groepsbehandeling, de piratengroep. Spelenderwijs oefenen kinderen daar vaardigheden die ze in het dagelijks leven nodig hebben.”

Doordat Lisette kinderen op school vaak langere tijd ziet, verandert de behandeling met hen mee. “Wat vandaag belangrijk is, kan over een paar jaar heel anders zijn.”

Soms heb je letterlijk vier handen nodig

Daarom werken behandelaren bij Klimmendaal veel samen. Een fysiotherapeut kijkt bijvoorbeeld naar bewegen en lichamelijke mogelijkheden, terwijl een ergotherapeut vooral kijkt naar dagelijkse activiteiten en zelfstandigheid. Maar in de praktijk lopen die gebieden voortdurend in elkaar over.

“Soms komen we echt handen tekort om een kind goed te helpen bewegen én tegelijkertijd uit te lokken om te spelen”, vertelt Lisette. “Dan zijn er letterlijk vier handen nodig en behandelen we samen.”

Samenwerken gaat voor haar verder dan samen in een behandelkamer staan. “Je hebt elkaar ook nodig om keuzes te maken. Waar leggen we nu de nadruk op? En wat betekent die keuze voor later?”

Inge herkent dat. “Bij vragen over bijvoorbeeld zithouding, eten en drinken of het maken van transfers heb je verschillende expertises nodig. Door samen te kijken, krijg je een completer beeld van wat een kind nodig heeft.”

Kennis delen binnen én buiten Klimmendaal

Lisette en Inge werken allebei in het CP-kernteam van Klimmendaal. Daar brengen collega’s uit verschillende disciplines, teams en locaties hun kennis samen. Ze bespreken nieuwe inzichten, leren van elkaars ervaringen en werken aan een gezamenlijke aanpak voor kinderen met CP.

Die kennisuitwisseling gaat ook over de grenzen van Klimmendaal heen. Lisette en Inge zijn allebei Knowledge Broker binnen CP-Net, een landelijk netwerk waarin zorgprofessionals kennis over CP met elkaar delen.

“Je vormt de brug tussen wetenschap en praktijk”, legt Inge uit. “Het mooie is dat je niet steeds zelf het wiel hoeft uit te vinden. We delen nieuwe kennis uit onderzoek, maar ook ervaringen over hoe je die kennis daadwerkelijk kunt gebruiken in de behandeling.”

Zo leren zij van collega's uit andere organisaties en brengen ze tegelijkertijd ervaringen uit de dagelijkse praktijk van Klimmendaal het landelijke netwerk in.

Voor Inge en Lisette komen al die lijnen uiteindelijk op dezelfde plek samen: bij het kind en het gezin. Want hoeveel kennis er ook beschikbaar is, er bestaat geen standaardbehandeling die bij ieder kind met CP past. Steeds opnieuw kijken zij samen met het kind, de ouders en hun collega’s naar dezelfde vraag: wat is op dit moment belangrijk en wat helpt dit kind om zo goed mogelijk mee te doen?

Meer weten?

Lees meer over de behandeling van CP in het ervaringsverhaal van Fien (2). Toen de linkerkant van haar lichaam zich niet goed ontwikkelde, bleek dat ze Cerebrale Parese had. Samen met haar ouders Nikki en Jelle volgde ze het oefenprogramma Baby-Constraint Induced Movement Therapy (CIMT) bij Klimmendaal.

Lees op onze website ook meer over  de ergotherapeut, fysiotherapeut of over het werken bij Klimmendaal.