Peter Bouw revalideert met afasie
Met de camper door Amerika: aan zo’n prachtige vakantie waren Peter Bouw (64) en zijn vrouw wel toe. Corona had hem flink te pakken gehad, maar gelukkig was hij aan de beterende hand. De eerste 3 weken van de vakantie waren heerlijk. Daarna begon de ellende. Peter kreeg op 1 juni een herseninfarct en heeft nu last van afasie.
Goed begrip, maar moeite met spreken en schrijven
Afasie is een taalstoornis in de hersenen en kan voor communicatieproblemen zorgen bij luisteren, lezen, spreken en schrijven. Mijn begrip is goed, dus bij luisteren en lezen heb ik weinig problemen. Maar spreken en schrijven zijn lastiger.
Ik kan naar een verhaal luisteren en begrijp het, maar om te antwoorden moet ik zoeken naar de juiste woorden. Voor lezen geldt hetzelfde: ik wilde zaterdag voorlezen uit de krant, maar dat viel niet mee. Ik lees de woorden en begrijp wat er staat, maar ze uitspreken is lastig. Zeker na een drukke dag. Als ik overdag te veel doe, moet ik ’s avonds veel meer naar woorden zoeken.
Soms heb ik het idee dat anderen niets aan mij merken als het even goed gaat, maar dat is natuurlijk niet zo. Onder sommige omstandigheden gaat spreken soepeler. Maar soms juist niet. Spreken tegen vreemden is bijvoorbeeld zwaarder dan tegen bekenden.
Herseninfarct bij de camper
Terug naar de camper. Op een vakantiedag zakte mijn mond scheef en er bewoog niks meer. Mijn vrouw heeft hulp ingeschakeld en de ambulance bracht me naar het ziekenhuis. Daar aangekomen bleek het zo erg dat ik met een noodhelikopter naar een ander ziekenhuis moest. Zo’n vlucht over prachtige bossen had ik liever in een andere toestand gemaakt. In dat ziekenhuis heb ik nog 7 dagen op de IC gelegen. Toen ik goed genoeg was, ben ik naar ziekenhuis de Gelderse Vallei in Ede gebracht. Eerst lag ik in een aparte kamer in isolatie. Zo werd voorkomen dat bepaalde ziektes mee zouden komen. Gelukkig mocht mijn vrouw wel op bezoek komen. Ik heb geluk gehad: zowel in Amerika als Nederland werkte iedereen die we tegenkwamen mee.
Kliniek in Arnhem en polikliniek in Ede
Na het ziekenhuis heb ik eerst zo’n 7 weken intern bij Klimmendaal in Arnhem gerevalideerd. In de weekenden mocht ik naar huis. Nu revalideer ik poliklinisch verder in Ede, dicht bij huis. Het was wel wennen om niet meer de hele dag therapie te hebben en ik was bang om stil te komen te staan. Dus nu zit ik nog achter huiswerk aan om zelf veel te oefenen. Ik kom nu bij de logopedist, fysiotherapeut, ergotherapeut en maatschappelijk werker. Bij die verschillende therapieën voel ik me goed. Ze helpen me om niet alleen maar doelen na te streven, maar ook af en toe rust te nemen.
Warme en persoonlijke aanpak bij Klimmendaal
Klimmendaal is precies zoals het moet zijn: warm. Niet iedere patiënt is hetzelfde en daar houden ze rekening mee. Sommige mensen zijn bijvoorbeeld graag even alleen. Dan was er de mogelijkheid om de maaltijd op je kamer op te eten in plaats van in de groep. Ik vond het ook fijn dat ze je altijd uit je kamer kwamen ophalen voor therapie. En om andere patiënten te zien.
Hulp van het gezin
Mijn vrouw werkt in de verpleging en weet welke gevolgen afasie heeft. Ze oefent vaak met me, door te vragen ‘wat bedoel je nou?’. En ze maakt bewust mijn zinnen niet af. Je leert elkaar ook op een andere manier kennen. Ik was vaak de oplossingsgerichte van ons twee, maar dat blijkt zij ook goed te kunnen. Zij had steeds overleg met verzekeringen en het camperbedrijf. Ook mijn kinderen helpen me. Ze corrigeren me als mijn verhaal niet klopt. Dan mag ik het gewoon opnieuw vertellen.
Soepel spreken
Mijn doel is soepel spreken, net zoals iedereen dat doet. En ook tegen iedereen: bekenden en onbekenden. Dat is voor mij extra belangrijk. Ik gaf les bij een centrum voor veiligheidsopleidingen, bijvoorbeeld VCA (Veiligheid, Gezondheid en Milieu Checklist Aannemers) en de opleiding elektrotechniek. Dat gaat bijvoorbeeld over machines, zoals de hoogwerker en vorkheftruck. Het waren intensieve lesdagen. De lesstof kan ik dromen, want ik ben aannemer geweest. Maar zoals ik nu praat, lukt het niet om de stof over te brengen. Ik hoop dat ik het lesgeven weer kan oppakken, maar houd er rekening mee dat dat niet lukt. Dan moet ik een andere invulling zoeken. Op de afasie na, functioneert alles weer zoals normaal. Alleen moet ik wennen aan m’n nieuwe ik.
Advies van Peter: zo help je iemand met afasie
- Maak zinnen niet voor de ander af, maar wacht tot die dat zelf doet.
Toen ik eens zei ‘Ik wil hardlopen’, ging mijn vrouw meteen schoenen zoeken. Maar het woord ‘morgen’ miste nog. Door niet afgemaakte zinnen kunnen allerlei misverstanden ontstaan. - Luister goed naar de ander: als het verhaal niet klopt, corrigeer dan.
- Vat samen wat iemand met afasie zegt om te controleren of je het goed hebt begrepen.